30 juli. Bijtijds uit Hasselt vertrokken, volgende bestemming Zwolle. Ook zo’n plaats waar we al jaren niet meer geweest waren, maar ook nog nooit in de binnenstad gelegen hadden.

Als we voor Zwolle liggen krijgen we van de brugwachter te horen dat we een kwartiertje moeten wachten. Dat zal dan rond kwart voor één zijn dat we de binnenstad in mogen. Maar om die tijd niets. Helaas kun je niets anders dan wachten. Dan zien we ineens nog 9 schepen achter ons komen. We hopen nu dat er voldoende ligplaats is. Pas ver na één uur gaat de brug open. We vinden een leuk plekje vlak bij het centrum. Maar vanwege de regen blijven we nog even binnen zitten.


Als het later toch droog wordt besluiten we om met het bijbootje door de grachten te gaan varen. Ook Zwolle is een Hanzestad en de grachten er omheen in zo’n stervorm aangelegd. Inmiddels is Zwolle ook ver daarbuiten gegroeid.





We houden het bijna droog, net niet helemaal maar wel weer droog als we het bootje weer opruimen. We gaan onzelf verwennen en zoeken vlakbij een leuk eettentje uit.


31 juli. Wederom regen. Toch in de middag is het even droog en gaan we het centrum even in. De grootste toeristentrekker is het Zwolsche Balletjeshuis. Niets veranderd sinds 1845. Natuurlijk een paar lekkere snoepjes gehaald. Ook wat boodschappen bij de Coop gedaan en we zijn weer droog terug.
Maar dan begint het toch te regenen, niet te kort. Het water loopt onder de tent door en er vormt zich zelfs een plas. Dit hebben we nog nooit meegemaakt. De kussens van de bank achter snel verplaatst. We eten lekker kippiekluif met witlofsalade. Als we dat ophebben en opstaan van tafel zien we op het motorluik ook een plas water. Waar komt dat nu weer vandaan. Het gordijn achter mijn stoel is doorweekt. En na veel speurwerk blijkt dat de afvoergaatjes van het raam verstopt zijn. Na dat verholpen te hebben en alles droog gemaakt blijft het daar nu droog.

We krijgen visite van vrienden uit Zwolle, Erik en Jeannette. Van hun huis af ongeveer 4 km fietsen. In vol ornaat regenkleding komen ze binnen. Laarsen uit en slippers aan. Het was heel gezellig en rustig zonder het regengekletter. Later konden ze weer droog naar huis fietsen.
1 augustus. Tot een uur of 8 is het droog, maar dan begint de regen weer. Het wordt zo wel een saai verhaal. We willen nu toch een stukje verder. Er liggen al meerdere schepen voor de brug te wachten en daar sluiten we ons bij aan. Regen en harde wind tegen, stroom mee op de IJssel dat geeft venijnige golven. Zolang we varen is dat geen probleem, maar de harde wind gaat ons ook parten spelen bij de sluis. We kunnen redelijk snel de sluis in en staan netjes in de regen te wachten tot de deuren dichtgaan. Niet dus. Dan maar snel even schuilen, er komen nog twee boten binnen. Bij het schutten hebben de weergoden nog wat water over en stort dat direct over ons uit. Wanneer we uitvaren en alle touwen en fenders weer opgeruimd zijn kun je ons uitwringen, geen droge draad meer aan ons lijf.

Wat is wijsheid. Het varen op het Reevediep is ongeveer een half uurtje voordat we bij de volgende sluis zijn, omkleden of niet? Ik pak een handdoek en ga daar maar op zitten. Als we het Reevediep afvaren en op de randmeren komen is er recht voor ons een passantenplek lekker in de natuur. Heerlijk uit de wind, lijkt ons wel wat. Alsnog in de regen afmeren maar nat zijn we toch al.

Als de boot goed vast ligt trekken wij onder de tent onze kleding al uit, alles is nu bezaaid met nat spul. Droog goed aan, bakkie lekkere soep en dan is het droog en begint de zon te schijnen. 🤭 Maar voor hoe lang????

Arie en Ellie.